De genealogie van de familienaam Clauwaert door de eeuwen tot op vandaag
1. Julius Clauwaert ——- 1-2-2002

Beste vrienden

De bijlage geeft een pagina weer uit een interessant boek. Deze auteur heeft ook nog het volgende boek geschreven: “1302, door tijdgenoten verteld”. ik heb beiden in uitleen van de bibliotheek van Gent. Het tweede boek leest als een thriller.

Mijn oudste dochter heeft op de radio een recentie gehoord van een recent boek:
Titel ; 1302 : opstand in Vlaanderen Auteur(s) ; Jan Frans Verbruggen en Rolf Falter
 Uitgeverij ; Tielt : Lannoo, 2001 Collatie ; 278 p. : ill CODE ; ISBN 90-209-4412-6
 
waar de mythe van de Klauwaerts ook onderuit gehaald wordt.

De bladzijde in bijlage suggereert dat de leeuw en de klauwen van de leeuw in de 13de en 14de symbolen waren van de Engelse koning.

Volgens de stelling van Bob is de naam Klauwaert ontstaan in een dispuut tussen Gentenaars en Bruggelingen rond 1380. In deze periode hebben beide steden meerdere batailles (veldslagen) uitgevochten.
De Bruggelingen hadden van de Graaf van Vlaanderen toelating gekregen om een kanaal te graven tussen Brugge en Deinze om zo rechtstreeks toegang te krijgen naar de Leie en zo naar Kortrijk en Noord-Frankrijk. Deze waterweg is er gekomen en is nu waarschijnlijk het Schipdonk kanaal. Dit zinde de Gentenaars niet want zo verloren zij veel doorvaart taksen want de Bruggelingen moesten niet meer langs Gent passeren.
De Gentenaars vormden de kern van de opstand tegen Frankrijk en de aansluiting met Engeland, de zogenaamde anglofilie. Zij hebben hardhandig geprobeerd om Brugge mee te krijgen. De anglofilie had haar hoogtepunt rond 1380.
Mijn thesis is nu: de Gentenaars werden Klauwaert genoemd omwille van hun sympathie voor de Europesche leeuw van deze periode, de Engelse koning.
Een stelling kan juist of fout zijn. Maar ik vind het wel de moeite om over na te denken en wat opzoekingswerk te doen.
Groeten,
Julius
 
2. Julius Clauwaert ——- 1-3-2002

Beste vrienden

Ik ben wat verder gaan neuzen in enkele Gentse bibliotheken en heb toch wat interessante informatie opgedaan.
De bibliotheek van de KBOV, Kraanlei 65 te Gent is een merkwaardige bibliotheek. Ze is ondergebracht in een zolder boven een kapel uit de 16de eeuw in het museum Alijn of het museum voor Folklore.
Ik heb het bewuste artikel uit de Oostvlaamse Zanten XVIII (1943) gelezen. Ik denk dat ik het versje uit het Memorieboek der Stad Gent p.109 kan localiseren (zie verder).

Mijn stelling dat de Gentenaars de drie klauwen van de Engelse leeuw gebruikten en niet van de leeuw van de graaf van Vlaanderen, kan ik met volgende gegevens ondersteunen:vlag-engel

 

  • het Engelse schild bevat 3 leeuwen zodat de 3 klauwen op de mouwen van de Gentse strijders waarschijnlijk eerder verwijzen naar deze 3 leeuwen dan naar de leeuw van de graaf van Vlaanderen (in 1380 was dit Lodewijck van Male; deze leeuw heeft toch 4 poten);
  • de Gentenaars hebben de Engelse vlag gebruikt als standaard (zie daartoe bijlage Engelse vlag)
  • de Gentenaars waren helemaal niet opgezet met de graaf van Vlaanderen in 1380 (Lodewijck van Male); hij had aan de Bruggelingen toelating gegeven om een kanaal te graven naar de Leie in Deinze; de Gentse kaproenen (de stoottroepen van de wevers van Gent) hebben de werken in Hansbeke in 1379 volledig vernietigd; de graaf had in 1380 een nieuwe baljuw in Gent benoemd zonder de Gentenaars om advies te vragen en dit stond de Gentenaars natuurlijk niet aan.
 
De Gentse opstand rond 1380 was dus tegen de Graaf van Vlaanderen en tegen de Franse koning gericht en een mogelijke medestander was de koning van Engeland (Filip van Artevelde probeert in 1380 dezelfde truc als zijn vader Jacob Van Artevelde in 1340). De Gentenaars kunnen gedurende korte tijd de Bruggelingen meekrijgen en ook de Ieperlingen. In Brugge waren het de wevers (het toenmalige proletariaat) die de Gentenaren steunen in hun opstand (zie bijlage anglofilie in Vlaanderen). Het vers uit de Oostvlaamse Zanten XVIII (1943) slaat volgens mij op het verdrijven van de Gentenaars uit Brugge in 1380 zodat Brugge niet meer meedoet aan de opstand en weer de Graaf van Vlaanderen steunt (Het waren ook deze ambachten die in mei 1380, met het vaandel van de graaf in de hand, de opstandige wevers en de Gentenaars te Brugge versloegen en het graafbevriende regime herstelden. (Chron. comit. Flandr., pp. 236-7).
In deze strijd verwijzen de 3 leeuwen op de mouwen van de Gentenaars zeker niet naar de Vlaamse graaf ! De Gentenaars kunnen nog eens hard terug slaan in de slag van Beverhoudsveld bij Brugge in mei 1382 waar zij een overwinning behalen tegen de Bruggelingen en de Graaf van Vlaanderen. Maar de koning van Frankrijk komt er zich mee bemoeien en de Gentenaars krijgen zware klappen in de slag van Westrozebeke in november 1382 (Filip van Artevelde en vele andere Gentenaars sneuvelen er). Gent wordt de vrede van Doornik opgedrongen (18 december 1385) door de opvolger van Lodewijck van Male, Filips de Stoute, ook hertog van Bourgondië. Gent is zijn militaire macht kwijt maar weet toch veel economische toegevingen uit de brand te slepen. Filips de Stoute realiseerde zich dat een economische sterke stad, zonder militaire macht, ook voor hem interessant was.
Ik denk dat ik nog wat meer gerief kan verzamelen. Ik moet het Memorie boek van de stad Gent eens zien te vinden.
Graag commentaar op mijn stelling.
Groeten
 
Julius
 
Handelingen der Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde te Gent
Vol XXXVII
Moord en Politiek tijdens de Gentse Opstand 1379-1385 door Andrée Holsters p. 89-111
P 101
…….., Filips van Artevelde afgeraden hebben te gaan vechten en tenslotte het Gentse leger hebben verlaten ; in dezelfde zin laten twee Franse anonieme auteurs zich uit . In deze versies treffen wij ook het aspect aan van een privé-vete met Lodewijk van Male, om welke reden Zeger lich zou hebben aangesloten bij de opstandelingen. “Dum durabat obsidio, (= het beleg van Oudenaarde) quidam milus dictus de Hensele, non rei publice scu patrie amore, sed cordiali privato laborans odio, Philippo se conjunxit…” , en: “et li avoit fait li conte auparavant aulcun desplesir et pour che s’alia a eulx, et avoient Flamend en lui grant fianche. ..” .
En nu laten wij de auteurs aan het woord die -naast Froissart – een visie geven over de moord. Johannes Brandon, monnik van de abdij Ten Duinen, verhaalt hoe in juli 1384 het Gentse volk haar leiders begon te wantrouwen wegens het verduisteren van geldsommen. Ze komen samen op de markt en eisen dat de kapiteins worden afgezet. “Clamabat etiam populus quod pecunia ducis Burgundiae in capitaneis esset seminata, et quod villam traderent, et quod pecunia in Aldenarda recepta non venis- set in computatione publica et multa alia”. Ackerman en van den Bossche, handiger dan Zeger van Herzele, spelen de volkswoede uit tegen dele laatste door te beweren dat er inderdaad op de markt mensen aanwezig waren die Gent zouden willen verraden. Als het woedende volk namen wil horen is het Ackerman die laat uitschijnen dat het om Zeger gaat. ” Tunc Franciscus Ackerman, cum aliquibus aliis descendens de domo scabinatus, accessit ad dominum de Arsele et cepit cum, et statim sine excusatione qua libenter usus fuisset, a populo occisus est.” Ongeveer dezelfde elementen als bij Froissart dus, maar hieraan voegde Brandon toe: “Stetim omnis populus in armis super forum. Regis Angliae vexillum erat in medio erectum, sub quo stetit dominus de Arsele, probus miles…” Brandon was de eerste auteur die de scene van de moord “onder de Engelse vlag” situeert, een element dat door naschrijvers blijkbaar verkeerd werd geinterpreteerd. Stichtte het conflict tussen Zeger en de andere Gentse leiders, gekoppeld aan het opstellen van de Engelse vlag, de traditie van een anti-Engelse houding van Zeger? Hoe dan ook, het “Chronicon comitum Flandrensium” stelt kategoriek dat de heer van Herzele misnoegd was over het opstellen van de Engelse standaard : ” …erat magnus concursus armorum in Gandavo, et venientes ad forum posuerunt vexillum regis Angliae. Dominus de Arzeele displicuit, quod arma prae- dicta regis Angliae ibidem infixa fuerunt, idcirco a communitate Gandensium inhumaniter interfectus est”
 

 Reacties